De Nederlandse Senaat heeft afgelopen dinsdag zonder stemming een wet aanvaard die het mogelijk maakt schadevergoedingen collectief af te handelen.
De nieuwe wet geeft de Amsterdamse rechtbank de bevoegdheid om schikkingen voor schadevergoeding bindend te verklaren voor groepen gedupeerden, dus ook voor individuen die op geen enkele manier bij de procedure of de onderhandeling waren betrokken. Bestaande regelingen voor ‘collectieve juridische actie’ sloten financiële schadevorderingen uit.
De wet voorziet dat stichtingen of verenigingen die representatief zijn voor de slachtoffers een schikking overeenkomen met de veroorzakers van de schade. Partijen kunnen dan de rechter vragen de schikking algemeen bindend te verklaren. Individuele gedupeerden krijgen een tijdelijk recht tot ‘opt-out’ om zelf te proberen een hogere vergoeding te bedingen.
Aanleiding voor de wet zijn problemen rond de afwikkeling van een schadefonds voor DES-kinderen met medische problemen. Farmaceutische bedrijven willen pas uitkeren wanneer alle potentiële slachtoffers zijn afgedekt.
In het Senaatsdebat werd bij herhaling de vrees uitgesproken dat advocaten de wet zullen gebruiken om via een omweg systemen van no cure no pay te introduceren. Zij kunnen zelf bijvoorbeeld een stichting oprichten die slachtoffers vertegenwoordigt. Maar volgens minister Donner zullen advocaten zich niet kunnen onttrekken aan het tuchtrecht dat ‘no cure no pay’ verbiedt.
De nieuwe wet heeft overeenkomsten met het Amerikaanse systeem van damages class actions. In de V.S. zwelt de kritiek op dit systeem aan wegens vermeend misbruik door advocaten, maar in Europa groeit de belangstelling ervoor om procedures efficiënter te maken, en de positie van consumenten te versterken.