Menu Close

Vingerafdruk: rechter ‘bedenkt zich’

De Amerikaanse rechter die eerder dit jaar voor opschudding zorgde omdat hij vingerafdruk-vergelijking als ‘pseudo-wetenschap’ buiten de rechtszaal wilde houden, heeft andermaal voor een verrassing gezorgd: in reactie op protesten van de Amerikaanse overheid kwam hij vorige maand in ronde bewoordingen op zijn opzienbarende besluit terug.

In een uitspraak die vriend en vijand verbaasde, schreef de rechter: ‘Om kort te gaan: ik heb me bedacht.’

Wetenschappelijk

Rechter Louis Pollak, van het federale gerechtshof in Philadelphia, kwam in januari tot de conclusie dat identificatie door middel van vingerafdrukken niet voldoet aan de eisen die het Amerikaanse Hooggerechtshof in 1993 aan ‘wetenschappelijke methoden’ in de rechtszaal stelde. Volgens die eisen moet een methode voldoende zijn getest, onderworpen zijn aan wetenschappelijke ‘peer review’, als gevolg daarvan breed zijn geaccepteerd en in zijn uitwerking gestandaardiseerd. De vergelijking van smoezelige en onduidelijke vingerafdrukken op de plek van een misdrijf, constateerde Pollak, voldoet aan geen van die voorwaarden.

Vorige maand keerde Pollak echter onverwacht op zijn schreden terug. Mede dankzij ‘eigen onderzoek’ had de rechter inmiddels ontdekt dat de Britse politie op het punt staat om, net als de Amerikaanse FBI, het voorschrift van een minimumaantal overeenkomsten tussen twee afdrukken af te schaffen. Hoewel tal van andere landen nog uiteenlopende criteria blijven hanteren, is met de ommezwaai van Engeland alsnog aan de eisen van ‘brede acceptatie’ en ‘standaardisatie’ voldaan, meent Pollak nu.

Ook de vaststelling dat een oordeel over de overeenkomst tussen twee vingerafdrukken subjectief is, en niet wetenschappelijk, is bij nader inzien geen diskwalificatie, vindt Pollak achteraf: een kunsthandelaar mag in de rechtszaal toch ook zijn subjectieve oordeel geven over de waarde van een kunstwerk? Vingerafdrukken, redeneert Pollak nu, belichamen inderdaad geen ‘wetenschap’ maar wel een veld van ‘technische expertise’. En zo’n veld is niet onderhevig aan de regels van het Hooggerechtshof, concludeert hij.

Ommezwaai

Amerikaanse advocaten, die in Pollaks aanvankelijke uitspraak de bekroning zagen van jarenlange pogingen om de vingerafdruk zijn onbetwiste status te ontnemen, hebben verbouwereerd gereageerd op de ommezwaai; Pollak was, als voormalig decaan van vooraanstaande Law schools, niet de eerste de beste, en menigeen had verondersteld dat hij bij zijn eerste uitspraak niet over één nacht ijs was gegaan.

De nieuwe uitspraak zal, aldus Robert Epstein, de advocaat die de kwestie in 1999 aanzwengelde, niet voorkomen dat de onfeilbaarheid van vingerafdrukken de komende jaren steeds vaker zal worden aangevochten. Hoe curieus de acties van Pollak ook zijn, ‘dit blijft één uitspraak van één rechter,’ aldus Epstein in de New York Times.