Een bijzonder ontwerp voor een geluidsscherm langs de snelweg A2 zet welstandsprocedures in Eindhoven op scherp. Welstandscommissies vinden het scherm ‘gekunsteld’. Maar het gemeentebestuur is juist enthousiast – en vindt de plicht een second opinion bij voorbaat te accepteren ondemocratisch.
Al jaren keert de stad Eindhoven regelmatig terug in de fileberichten. Elke dag vermengt zich op de halve randweg rond de stad het verkeer van vier doorgaande snelwegen – A2, A67, A50 en A58 – met dat van het lokale wegennet. Het is een recept voor vertragingen, waaraan Rijkswaterstaat rigoureus een einde wil maken.
De hele randweg gaat de komende jaren dus ingrijpend op de schop: doorgaand verkeer wordt gescheiden van lokaal verkeer, lokaal verkeer van stadsverkeer. Al die nieuwe wegen krijgen een nieuw uiterlijk aangemeten, een klus die wordt geklaard door het Rotterdamse landschaps- en architectenbureau VHP.
Nederland heeft de reputatie zijn wegen met zorg te ontwerpen, en de plannen van VHP doen die naam alle eer aan. Over elk detail van het nieuwe snelwegencomplex, van viaduct tot lichtmast, van fly-over tot bermstruik, is nagedacht. En bijna élk onderdeel uit deze reusachtige ‘elementendoos’ viel vorig jaar bij de gecombineerde welstandscommissie van Eindhoven, Waalre en Veldhoven in de smaak.
Op één na.
Steen des aanstoots was het ontwerp voor een geluidsscherm langs de A2, ter hoogte van wat is genoemd de ‘stadsboulevard’ – de snelweg direct ten westen van Eindhoven. Hoewel een geluidsscherm primair is bedoeld om althans het geluid van autoverkeer voor de stad te verbergen, meldt het overkoepelende tracébesluit van minister Karla Peijs van Verkeer en Waterstaat hier een tweede doel. “De stadsboulevard is bij uitstek de plek waar de stad en de weg zich aan elkaar kunnen presenteren,” aldus het ministeriële besluit. “De inpassing zal dan ook geschieden in een opvallende, ‘stedelijke’ vormentaal.” Ontwerpen mogen ‘op subtiele of juist uitbundige wijze afwijken, binnen de grote lijnen.’
Architect Mirjam Galjé, samen met Paul Kersten bij VHP verantwoordelijk voor de nieuwe randweg, ging aan het werk. Het scherm moest niet reflecteren maar absorberen, een eis waaraan kan worden voldaan door de wand licht naar binnen te laten hellen. Maar de gedachte aan een lang, hoog, overhellend vlak glas of beton wees ze af, omdat het een ‘keihard’ beeld zou opleveren. Ze vond een beproefd, rechtopstaand alternatief: steenwol verpakt in metaal.
Om een ‘minder snoeihard oppervlak’ te creëren, verdeelde ze de muur in duizenden ronde, aluminium buizen, willekeurig variërend in lengte en hoogte en geplaatst in een grillig patroon, als pijpen in een reusachtig orgel. Ter presentatie van Eindhovens imago als ‘high-tech lichtstad’ bedacht ze nog een extraatje buiten de begroting: spots in de grond kunnen de buizen ’s avonds verlichten in kleuren die op afstand zijn aan te passen. “Als PSV wint, kleuren de buizen bijvoorbeeld rood en wit, terwijl op Koninginnedag alles oranje zou zijn”, zegt Galjé.
De gezamenlijke welstandscommissies van Eindhoven, Waalre en Veldhoven waren niet onder de indruk van het feestelijke ontwerp. Na vergaderingen in juni en oktober 2004 noemden de commissies het ontwerp onder meer een ‘doorgedesignd interieurverhaal’. De commissies vreesden dat automobilisten zich als in een ‘kilometers lange tunnel’ zullen voelen, en meenden dat ‘zowel de automobilist als de stad gebaat zijn bij een rustig beeld.’ “Een terughoudend en minder nadrukkelijk en gekunsteld scherm ware te prefereren,” aldus de finale ‘bevinding’.
Voorzitter Frank van Beers van de Eindhovense welstandscommissie, in het dagelijks leven burgemeester van Mill, heeft moeite het oordeel in nog andere woorden te vangen. Het bezwaar is, vat hij samen, dat het buizenscherm geen familie is van andere beeldelementen rond de nieuwe weg. En het is, vindt Van Beer, géén icoon van Eindhoven. “Het geeft niet het gevoel van Eindhoven aan. Is de stad uitbundig? Een soort Brasilia? Of is het een zuidelijke [Nederlandse] stad? Waarom niet onopvallender?”
Het zijn kwalificaties die Mary-Ann Schreurs (D66), wethouder van ruimtelijke ordening in Eindhoven, niet graag hoort. Schreurs, die Eindhoven probeert te verkopen als ‘internationale Designstad’, heeft uitgesproken opvattingen over de inrichting van openbare ruimten, en was juist blij met een uitbundig ontworpen scherm. “Ik ben het niet eens met mensen die vinden dat een geluidsscherm niet het primaat mag hebben. Het gevolg [van die opvatting] zien we in Nederland nu om ons heen. Ik moet de eerste nog tegenkomen die er vrolijk van wordt langs al die grijze schermen te rijden. Dat Rijkswaterstaat probeert daar meer mee te doen, vind ik persoonlijk een welkome ontwikkeling.”
Waar de welstandscommissie volgens Schreurs koos voor ‘een onsje minder’, prefereert de wethouder juist ‘een onsje meer’. “Het zou toch fantastisch zijn als Eindhoven hier zo zijn identiteit laat zien? Dat het je als automobilist niet meer overkomt dat je niet weet waar je bent?”
Naar het extra geld voor de gekleurde spots is ze al op zoek in de gemeentebegroting. “Dat maken wij in orde,” zegt Schreurs.
Ontevreden over het welstandsadvies greep de wethouder in november naar de procedure die sinds 2003 in een gemeentelijke Welstandsnota is vastgelegd: via de landelijke Federatie Welstand benaderde ze een ándere welstandscommissie voor een second opinion. Het verzoek kwam terecht bij Welstandszorg Limburg, die ook de aanleg van Rijksweg A73 begeleidde.
Bij het ter perse gaan van dit nummer was de bevinding uit Limburg nog niet bekend. Maar duidelijk was wél dat Eindhoven zich volgens de eigen regels bij dat oordeel moet neerleggen. “B&W zullen zich conformeren aan dit tweede advies, ongeacht de uitslag”, aldus een uitzonderlijk strenge frase in de Welstandsnota.
Het is de eerste keer dat de stad zo hard wordt geconfronteerd met de eigen welstandsregels – en wat het gemeentebestuur betreft is het meteen ook de laatste. “Democratisch vind ik het raar,” zegt Schreurs. “Adviezen zijn waardevol, maar de vormgeving van onze samenleving moet democratisch zijn gelegitimeerd. De weging van argumenten dient door de gemeenschap te geschieden, niet door deskundigen.”
Op 10 mei besloten B&W daarom de gemeenteraad voor te stellen de nog jonge regels weer aan te passen. Details zijn nog niet bekend, behalve dan dat gemeentebestuurders het recht zouden krijgen welstandsadviezen niet op te volgen, óók bij louter inhoudelijke meningsverschillen.
In een reactie zegt directeur Flip ten Cate van de Federatie Welstand begrip te hebben voor het Eindhovense voorstel. “Ook de wetgever legt de beslissing in laatste instantie bij de wethouder,” zegt hij. Het lijkt hem echter verstandig wel om second opinions te blijven vragen. Ten Cate: “Afwijken van een welstandsadvies moet je voor de rechter erg goed kunnen motiveren. Elke zaak creëert immers een juridisch precedent. Voor een gemeente die inhoudelijke redenen aanvoert, lijkt het me hachelijk zich niet te baseren op het oordeel van andere, evenwaardige deskundigen.”