(Met Luuk Hajema)
Of-ie tevreden is met de uitslag van de Uraadverkiezingen? In het verenigingspand in de Visserstraat ontdoet SORUGvoorzitter John Brouwer met een geroutineerd gebaar een flesje Gulpen bier van z’n dop. “Wel redelijk, ja, wel redelijk. Je kunt niet in één keer een aardverschuiving bereiken.” Hij trekt een overwinnaarsgrijns: Sorug heeft goed geboerd en het beste resultaat uit zijn geschiedenis behaald. Daar moet op gedronken worden.
De meeste studenten zullen er geen oog minder om hebben dichtgedaan – zij hebben zelfs niet de moeite genomen hun stembiljet in te vullen – , maar voor de heren en dames studentenpolitici zelf zijn het enerverende tijden, de dagen vlak voor en na het sluiten van de stembussen.
Bij de openbare telling van de stemmen woensdagochtend lijkt het af en toe allemaal net echt: diepe verslagenheid, afgewisseld door blije triomfkreetjes vergezellen de uitslagen uit de verschillende districten. Aan het eind van de tellingen kan de totaalstand worden opgemaakt, althans na een worsteling door de enorme berg percentages en aantallen kiesgerechtigden, stemmen en zetels. De zetelverdeling blijft gelijk: acht voor GRUNK, en drie voor SORUG. Maar GRUNK moet vier procent van haar stemmen inleveren, en houdt 69% over; SORUG mag zich verheugen in de andere 31%.
Behalve de nieuwgekozen U-raadsleden van SORUG zijn op de borrel ‘s middags in het SORUG-pand ook een paar uitgesproken GRUNK-ers aanwezig. Wij herkennen Ulbe Bosma, de student-adviseur van het College van Bestuur, Sandrijn Vink, de winnende GRUNK-kandidaat in het district Sociale Wetenschappen en Arjan Kaaks, die bij Economie een zetel voor GRUNK in de wacht sleepte.
Waarom juist dit drietal? Daarover zijn een paar interessante speculaties te maken. UIbe Bosma staat als student-adviseur natuurlijk boven de partijen, en Sandrijn Vink heeft zo verschrikkelijk dik gewonnen dat het voor haar een enorme kick moet zijn om dat juist in het bolwerk van de vijand te gaan vieren. Maar Arjan Kaaks, waarom is die er ook? Arjan was de enige GRUNK-kandidaat die in zijn district een duidelijke winst heeft gemaakt ten opzichte van de voorgaande jaren. Zelf verklaart hij dat uit zijn gematigde optreden. GRUNK heeft de naam een linkse club te zijn en daartegen heeft hij zich teweer gesteld. Met succes, dat is duidelijk. In GRUNK-kringen wordt dan ook gesproken van het Kaaks-effect.
Dat doet u aan Lubbers denken? Geen gekke gedachte: Arjan maakt er geen geheim van dat hij inderdaad op deze handige zakenman heeft gestemd, en vertelt erbij dat hij niet de enige is in de nieuwe GRUNKfractie.
Lubbers… GRUNK. . . En daar hebben wij dan op gestemd? De erfgenaam van de studentenbeweging verkwanseld aan conservatieve roomsen? Enigszins aangeslagen – maar dat kan ook van de biertjes zijn, die nu in snel tempo worden uitgedeeld aan de mannelijke aanwezigen; de vrouwen drinken witte wijn – wankelen we verder, op zoek naar een nieuwe gesprekspartner.
Dat wordt de campagneleider – jazeker van SORUG, wiens naam ons even ontschoten is. Zijn inbreng aan de voorbereiding van het succes van z’n organisatie bestond onder andere uit het gratis verstrekken van pakjes kauwgum aan studenten en het ophangen van ballonnen voor het Academiegebouw. Dus dat vormt zo’n beetje de inhoud van de politiek van SORUG: kauwgom en ballonnen? Volgens de campagneleider heeft SORUG heus wel iets meer te bieden, en was het uitdelen van kauwgom bedoeld als geintje. “En,” voegt hij er aan toe, “al die tijd dat de studenten op die kauwgom kauwen denken ze aan SORUG.”
Op de weg terug naar de uitgang leggen we Arjan Kaaks de vraag voor wat een fusie van GRUNK en SORUG nu eigenlijk nog in de weg staat en wat de partijen van elkaar onderscheidt. Is de SORUG werkelijk nog rechtser dan het CDA? Arjan verklaart dat hij zich meer tot GRUNK aangesproken voelt omdat die een veel sterkere organisatie heeft, met wortels in alle faculteiten. Het antwoord op de andere vraag wordt gegeven door Erik-Jan Schuringa, die – helaas! – net niet is gekozen voor de SORUG: “Als we zouden samengaan gaat de opkomst nog verder achteruit. Dan hebben de studenten niets meer te kiezen.’
Bijna flappen we eruit dat het zolangzamerhand de keus tussen lood en oud ijzer is. Maar dat zou de GRUNK toch tekort doen. Het bewijs daarvoor is wel de uitspraak van het U-raadslid Te Meerman van de WP-fractie, die toch niet bekend staat als iemand met radicaal linkse ideeën: “Die lui van GRUNK zijn wel lastig. Maar ze weten waarover ze praten. Bij SORUG begrijpen ze helemaal niet waar het om gaat.”
Op de GRUNK-borrel in café Het Lokaal is het om een uur of tien ‘s avonds behoorlijk druk. Druk genoeg in ieder geval om het bestellen van een pilsje – even omschakelen na al dat bier bij SORUG – tot een slepende affaire te maken. Links en rechts hangen GRUNK- en SORUG-aanhangers babbelend met elkaar aan de bar. De sfeer is niet feestelijk, maar ook niet gedeprimeerd. GRUNK is blij met het behoud van haar acht zetels, en lijkt het verlies van een aantal kiezers al verwerkt te hebben.
Dat wil niet zeggen dat men erg optimistisch is. Het besef dringt door dat alles er op wijst dat de SORUG geleidelijk sterker wordt. Maar Arjen Blanken, één van de huidige leden van de GRUNK-fractie in de U-raad, toont zich een goed verliezer: “Je zou kunnen zeggen dat de SORUG vandaag een ‘historische’ winst heeft geboekt onder mensen die zich niet tot de Vindicat-achtige kringen voelen aangetrokken, net als het CDA dit jaar niet-confessionelen heeft weten te winnen.” Wel heeft GRUNK meer verloren dan hij had gedacht. ’’Ik denk dat we volgend jaar onze hegemonie zullen krijtraken.”
Gerben Wierda, een van de nieuwe GRUNK-fractieleden in de Universiteitsraad, doorbreekt gelukkig de ons wat al te harmonieuze politieke sfeer. Hij is een beetje gedesillusioneerd over de daling van de opkomst. Is dat niet wat overdreven, vragen wij; die daling was toch maar nulkommavijf procent of zoiets? Gerben: “Ik beschouw alle extra stemmen op SORUG als een daling van de opkomst.” De studenten interesseren zich niet meer voor de U-raad, vindt hij: “Tijdens de campagne heb ik wel van mensen gehoord: och, dat interesseert me niet, ik heb al op SORUG gestemd. Dat vind ik heel erg.” Een fusie met de SORUG zit er blijkbaar nog niet in: “Och, als ze dit jaar eindelijk een fatsoenlijke organisatie worden heb ik er geen bezwaar tegen als SORUG in de GRUNK wil opgaan.”
Arjen Blanken denkt eerder aan een fusie met de GSb, het laatste linkse studentenbolwerk aan de universiteit. Die houd! zich weliswaar de laatste jaren voornamelijk bezig met de mannenemancipatie binnen de bond zelf, maar toch. Stel je voor, communisten en christen-conservatieven in een kieskring. Dan nog liever het alternatief van een verdere verkaaksing van de Grunk: het recept dat bij Economie al zo goed heeft gewerkt.
Soms verlangen wij wel eens terug naar de tijd dat de CPN nog zeven zetels in de Tweede Kamer had, en bij monde van de GSb in de U-raad botweg en driewerf “Nee!” riep tegen alles dat niet met de heilstaat strookte.
