Menu Close

Juristen praten niet mee over Irak

Advocatenblad, maart 2003

WASHINGTON — Juridische argumenten spelen binnen de Verenigde Staten geen rol van betekenis in de discussie over een mogelijke invasie van Irak. Dat kan worden afgeleid uit de bijna totale afwezigheid van deskundigen op het gebied van internationaal recht in de belangrijkste Amerikaanse media, aan de vooravond van Amerikaanse militaire actie.

Tijdens lokale debatten op universiteiten tonen de meeste hoogleraren zich zeer bezorgd over de gevolgen voor de internationale rechtsorde wanneer een Amerikaanse aanval zou plaatsvinden zonder mandaat van de Verenigde Naties. Maar in de publieke discussie daarbuiten domineert de politieke vraag of een ‘eenzijdige’ Amerikaanse actie de langetermijnbelangen van het land zelf zou schaden.

Ook uitspraken van VN-secretaris-generaal Kofi Annan, die vanuit Den Haag waarschuwde dat gewapend ingrijpen zonder uitdrukkelijk VN-mandaat strijdig is met het Handvest van de Verenigde Naties, leidden niet merkbaar tot een opleving van juridische argumenten in het slepende debat.

Meer invloed hebben juristen tot nu toe op het verloop van de ‘strijd tegen het terrorisme’ binnen de Verenigde Staten zelf. Een aantal rechtszaken tegen verdachten die kort na de aanval op het WTC werden opgepakt, is inmiddels afgesloten. In de meeste zaken bleef van de terrorisme-aanklachten uiteindelijk weinig over, en volgden betrekkelijk milde veroordelingen tegen overtredingen van immigratiewetten. De meeste vrijgelatenen zijn vrijwillig of gedwongen teruggekeerd naar hun geboorteland.

De Amerikaan Jose Padilla, die sinds juni vastzit op een legerbasis in de VS omdat hij ìn Washington een ‘radioactieve bom’ tot ontploffing had willen brengen, kreeg vorige week van een federale rechter toegang tot een advocaat. De rechter verwierp het jongste bezwaar van de regering, dat inhield dat de ondervraging van de man naar mogelijke andere El-Quaida-plannen erdoor in het honderd zal lopen.

De 650 buitenlandse El-Qaida- en Taliban-strijders die vastzitten op een Amerikaanse legerbasis op het Cubaanse Guantanamo Bay, hebben minder succes. Zij proberen tevergeefs hun detentie door een onafhankelijke rechter in de VS te laten toetsen. Een driehoofdig federaal gerechtshof in Washington wees afgelopen week een beroep namens twaalf Koeweitse, twee Britse en twee Australische gevangenen af. Volgens het Hof hebben Amerikaanse rechters op de legerbasis geen jurisdictie omdat die op Cubaans grondgebied staat dat slechts door de VS wordt ‘gehuurd’.

De regering-Bush vierde de uitspraak als een ‘belangrijke overwinning in de strijd tegen het terrorisme’, maar de advocaten spraken van ‘de eerste keer in de geschiedenis dat een rechtbank bepaalt dat Amerika buiten haar grenzen buitenlanders zonder enige rechten mag vasthouden.’ ‘Dit is een trieste dag voor de Amerikaanse principes van recht en gerechtigheid, en voor de rechtspraak die geacht wordt die principes overeind te houden,’ voegden zij er aan toe.

Related Posts