Menu Close

Biowapens tegen rimpels

De giftigste stof ter wereld wordt in Amerika goedgekeurd als middel tegen voorhoofdrimpels. Een gevreesd biologisch wapen zal daarmee veranderen in een farmaceutisch kassucces.

Nergens op de verpakking staat dat het middel Botox kan worden gebruikt tegen denkrimpels en kraaienpootjes. Geen glimmende televisiereclamecampagne mag er van de Amerikaanse overheid aan te pas komen. Toch injecteerden Amerikaanse plastisch chirurgen vorig jaar meer dan anderhalf miljoen voorhoofdspieren met het giftige middel. Het doel: de spiertjes te verlammen, en zo ontsierende rimpels op het voorhoofd glad te strijken.

Dertien jaar geleden begon botuline-toxine, een giftig eiwit gemaakt door de bacterie Clostridium botulinum, zijn officiële leven als medicijn tegen enkele ernstige, zeldzame spieraandoeningen. Maar achter de schermen van deze medische behandelingen groeide gestaag de toepassing voor cosmetische doeleinden. Binnenkort lijkt in de Verenigde Staten aan dat niet-officiële gebruik een einde te komen: dan geeft, zo wordt alom verwacht, de Amerikaanse overheid het officiële groene licht voor de registratie van botuline-gif als middel voor de behandeling van diepe voorhoofdrimpels.

In de coulissen staat de fabrikant klaar om, middels een ongekende reclamecampagne, van Botox een even grote hit te maken als Viagra een paar jaar geleden. Er is maar één probleempje: botuline-toxine is niet alleen een krachtig middel tegen rimpels — het staat ook aan de top van verlanglijstjes van potentiële bio-terroristen.

Botuline-toxine is voor zover bekend de giftigste stof ter wereld. Zelfs in grote verdunning kan het alle vormen van dierlijk leven doden — getuige bijvoorbeeld de massale sterfte van vissen wanneer in zuurstofarm water Clostridium-bacteriën hun kans schoon zien.

Hoeveel botuline precies nodig is om een mens om te brengen is niet bekend — experimenten op dit vlak zijn, begrijpelijkerwijs, lastig uit te voeren. Maar wie de resultaten van dierproeven doortrekt, komt tot de conclusie dat een injectie met één tienmiljoenste gram voor een volwassen mens al voldoende is; een tien keer zo grote hoeveelheid is nodig als het gif via de longen wordt ingeademd.

Die buitengewone giftigheid dankt de stof, een eiwit, aan zijn verpletterende effect op het zenuwstelsel. Minieme hoeveelheden botuline vinden hun weg naar de uiteinden van zenuwvezels in de spieren. Daar blokkeren ze de overdracht van cruciale signaalstoffen. Zenuwprikkels kunnen de spieren dus niet meer bereiken, met als gevolg een totale verlamming, die lang aanhoudt omdat het eiwit nauwelijks wordt afgebroken. Wie genoeg botuline binnenkrijgt, heeft weinig kans de uitval van de ademhalingsspieren te overleven.

Elk vergif heeft echter zijn zonnige zijde; ideeën om de potentie van botuline in te zetten voor medische doelen zijn niet nieuw. Al in 1989 concludeerde de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) dat het giftige eiwit, zij het in uiterst verdunde vorm, veilig en werkzaam is tegen ooglidspiertjes die onweerstaanbaar samentrekken.

Toen botuline, geregistreerd onder de naam Botox, eenmaal op de markt was, was het voor onderzoekende artsen nog maar een kleine stap om het op andere spieren uit te proberen. Sinds 1989 groeide de lijst met geschikte aandoeningen dan ook gestaag. Inmiddels behandelen artsen allerlei kwalen, variërend van een lui oog, schrijfkramp en hevige okseltranspiratie tot anuskloofjes en spastische nekspieren met botuline. Bijna altijd houdt de zegenrijke verlamming drie tot zes maanden aan — de tijd die zenuwvezels nodig hebben om nieuwe contactpunten met de spiercellen aan te leggen.

Het idee om botuline ook los te laten op huidrimpels komt op het conto van een Canadees echtpaar, Jean and Alastair Carruthers. Jean is oogarts, haar echtgenoot plastisch chirurg. Toen Jean in 1987 opmerkte dat Botox bij haar patiënten niet alleen verkrampte oogleden ontspande maar tegelijk rimpels rond de ogen als sneeuw voor de zon deed verdwijnen, wist Alastair genoeg.

Via mond-tot-mondreclame, artikelen in damesbladen en promotie van plastisch chirurgen nam het cosmetische gebruik van botuline sindsdien gestaag toe. Een welgemikt prikje in de voorhoofdspier, à raison van vier- tot vijfhonderd dollar, blijkt genoeg om binnen een paar dagen diepe gezichtskreukels te laten verdwijnen.

De risico’s zijn, aldus de behandelende artsen, gering: een klein percentage van de patiënten ontwikkelt allergische reacties; soms breidt het gif zich onderhuids wat uit, resulterend in onnatuurlijk laag hangende oogleden of wenkbrauwen. (Het advies is om de eerste uren na de injectie niet over het voorhoofd te wrijven of diep te buigen.) Mocht een en ander wat verzakken, dan is het effect echter meestal ‘binnen twee tot drie weken’ voorbij, of tegen die tijd met een extra prikje wat te maskeren.

Aangemoedigd door zulke geruststellende woorden overwinnen meer en meer Amerikanen hun aarzelingen. Vorig jaar, schat de vereniging van Amerikaanse plastisch chirurgen, verrichtten hun leden 1,6 miljoen Botox behandelingen. De injectie is daarmee de populairste cosmetisch-medische behandeling in de Verenigde Staten geworden — óók bij de ‘chirurgen’ overigens, die opgetogen zijn dat hun klanten iedere drie tot zes maanden moeten terugkeren.

Verlamde voorhoofdspieren zijn al zo algemeen dat, volgens Hollywood-regisseurs, het nauwelijks mogelijk is actrices te vinden die ouder zijn dan 40 jaar én nog in staat om voor de camera verbaasd te kijken. En de trend waait over naar Europa: ook in de circa dertig Nederlandse cosmetische privé-klinieken begint het aantal Botox-behandelingen te groeien.

In de drie vestigingen van de Velthuiskliniek, bijvoorbeeld, groeide het aantal klanten de afgelopen jaren van tien tot honderdzestig, meldt directeur Peter Velthuis vanuit Eindhoven. Dat aantal zou naar zijn overtuiging nog veel groter kunnen zijn als ‘botuline-toxine’ in veler oren niet zo eng zou klinken. `We hebben in onze voorlichting de juiste toon nog niet gevonden,’ zegt Velthuis. Mede daarom overweegt hij om, in navolging van Britse collega’s, Botox-parties bij klanten thuis op te zetten: gezellig theedrinken met vrienden of vriendinnen, en onderwijl een botuline-shotje krijgen.

De groeiende populariteit is in de verkoopcijfers terug te vinden. De Amerikaanse marktleider Allergan zag haar omzet vorig jaar oplopen tot 310 miljoen dollar — ruim drie keer zoveel als in 1997. Het Frans-Britse bedrijf Beaufort-Ipsen, dat in Europa en Australië botuline verkoopt onder de merknaam Dysport, zag de omzet tussen 1999 en 2000 met 35 procent toenemen tot 31 miljoen euro.

Volgens beursanalisten zijn deze klinkende cijfers echter nog maar een voorproefje van de explosie die ons te wachten staat nu Allergan de Amerikaanse autoriteiten heeft gevraagd Botox te mogen registreren als middel tegen voorhoofdrimpels. Hardnekkige geruchten in de Amerikaanse media zeggen dat onderhandelingen over die registratie vrijwel zijn afgerond.

Als de geruchten waar zijn, gaan binnenkort de sluisdeuren open. Want waar toe nu toe advertenties, verpakkingen en bijsluiters van Allergan niet over rimpels mochten reppen, daar zou registratie de weg vrijmaken voor overdonderend reclamegeweld.

Naar verluidt liggen de plannen voor een reclamecampagne van meer dan honderd miljoen dollar klaar: onder de leus `it’s not magic, it’s Botox!’ zullen Amerikaanse consumenten, en via via ook Europese, worden bestookt met wat zal ogen als een wonderbaarlijke, laagdrempelige verjongingskuur: plastische chirurgie voor iedereen. Het lijkt wel zeker dat dit zijn effect niet zal missen.

De aanstaande zegetocht van botuline leidt echter niet alleen tot blije (en gladde) gezichten. Want, zo wordt in wetenschappelijke kringen opgemerkt, botuline heeft in het verleden niet alléén medische belangstelling gewekt.

In de Tweede Wereldoorlog, om maar wat te noemen, produceerden zowel Duitsland als de Verenigde Staten grote voorraden van het toxine voor gebruik als biologisch wapen op het slagveld. Nadien volgden tal van landen het voorbeeld — sommige, zoals Rusland, gingen er mee door ook nadat ze in 1972 de productie van biologische wapens afzworen. Irak, ontdekten VN-inspecteurs na de Golfoorlog, beschikte over 19 duizend liter geconcentreerde botuline — genoeg om de hele mensheid te doden. In Japan deed de sekte van Aum Shinrikyo begin jaren negentig ten minste drie (mislukte) pogingen om in Tokio botuline via de lucht te verspreiden.

Amerikaanse bioterrorisme-deskundigen zien botuline, direct na miltvuur, als meest waarschijnlijke bron van een mogelijke toekomstige biologische aanslag van terroristen. Eén wolk vernevelde botuline, voorspellen modelberekeningen, zou tot op een afstand van vijfhonderd meter één op de tien mensen doden. In afgeschermde ruimten, zoals vliegvelden, stations of metrobuizen, zou het dodelijke effect nog veel groter zijn.

De verwachte explosie in het gebruik en de productie van botuline doet daarom her en der wenkbrauwen fronsen. Wijdverbreid gebruik van botuline zou bijvoorbeeld complicaties geven in plannen om, bij dreigende aanslagen, grote groepen burgers of militairen te vaccineren. Om die reden, zeggen sommigen, heeft het Amerikaanse leger onlangs moeten besluiten de ontwikkeling van een nieuw botuline-vaccin in een laat stadium te beëindigen.

Ook de gedachte aan meer en grotere fabrieken die botuline produceren, opslaan en distribueren is reden tot ongerustheid. Het eindproduct zelf is weliswaar zodanig verdund dat het vrijwel onmogelijk nog als wapen is te gebruiken, dat neemt niet weg dat het aantal mensen met toegang tot omvangrijke voorraden geconcentreerde botuline flink zal groeien.

Voor de Amerikaanse neurobioloog Donald Kennedy, zelf ooit werkzaam bij de FDA en inmiddels parttime hoofdredacteur van het wetenschappelijke tijdschrift Science, is het gevaar serieus genoeg om aan de alarmbel te trekken. In zijn hoofdredactionele kolom riep hij zijn voormalige collega’s bij de FDA op om de aanstaande registratie van Botox voor cosmetisch gebruik op het laatste moment af te blazen — ook al is daar strikt medisch-wetenschappelijk gezien misschien geen aanleiding voor.

`De recente ervaringen met miltvuur hebben pijnlijk duidelijk gemaakt dat we beter af zijn met zo weinig mogelijk gevaarlijke organismen in de buurt,’ zegt Kennedy in een toelichting op zijn oproep. Hij wijst erop dat de Amerikaanse regering inmiddels serieus rekening houdt met de mogelijkheid dat de dodelijke brieven met miltvuur werden verstuurd door iemand die toegang had tot de best beveiligde laboratoria ter wereld — die van het biowapenprogramma van het Amerikaanse leger.

`Het laatste wat de wereld nodig heeft is de grootschalige productie en verspreiding van de nummer twee op de ranglijst van terroristische biowapens’, meent Kennedy — `zeker niet als dat gebeurt voor de bestrijding van rimpels.’