Menu Close

Anti-kwakzalvers door rechter gemuilkorfd

Volgens de Vereniging tegen de Kwakzalverij werken homeopatische middelen niet – net zo min als een kastanje onder je hoofdkussen. Maar hoewel ze daar wetenschappelijk gezien gelijk in hebben, mogen ze het van het Gerechtshof in Amsterdam niet meer hardop zeggen.

‘EEN HEEL merkwaardig vonnis,’ vindt voorzitter Cees Renckens van de Vereniging tegen de Kwakzalverij het. “Er zit een zekere spanning in,” is het voornaamste wat dr J.E.M. Akveld, jurist bij het Centrum voor Gezondheidszorg en Recht van de Erasmusuniversiteit, er voorlopig over kwijt wil. Maar het is duidelijk dat het Amsterdamse Gerechtshof, met zijn uitspraak deze week in het hoger beroep dat homeopathica-fabrikant VSM tegen de anti-kwakzalvers had aangespannen, een curieus precedent heeft geschapen.

De fabrikant zelf is ‘zeer tevreden’, al zijn verreweg de meeste van de eisen door het Gerechtshof afgewezen. Zo mag de anti-kwakzalversvereniging gewoon blijven zeggen dat het VSM-produkt, de spierzalf SRL-gelei of Spiroflor, ‘dubieus’ is, dat het ‘een kankerverwekkend bestanddeel’ bevat, dat het om die reden geëlimineerd’ zou moeten worden, dat het de ‘heilige plicht van een apotheker is zijn klanten tegen SRL-gelei te waarschuwen’ en dat het ‘een schandaal is dat dergelijke produkten vrij verkrijgbaar zijn en dat op de bijsluiter niet voor de risico’s wordt gewaarschuwd.’

Voor de fabrikant weegt echter het zwaarst dat de vereniging niet meer mag zeggen dat SRL-gelei de Duitse normen voor de concentratie van de kankerverwekkende stof overschrijdt. “Daarmee zegt de rechter impliciet,” aldus woordvoerder C. Broekhoven van VSM, “dat ons produkt veilig is. Daarover was twijfel ontstaan bij onze afnemers.” Die twijfel heeft VSM het afgelopen jaar geld gekost. Volgens Broekhoven lag de omzet van SRL-gelei in 1995 ongeveer twaalf procent lager dan het jaar ervoor – een omzetdaling van naar schatting meer dan een miljoen gulden.

Kabouters

Zelfs VSM wil wel erkennen dat het bedrijf zelf ook ‘verrast’ was door de uitspraak van het Hof. Kern van die verrassing is, dat het de anti-kwakzalvers door de rechter voortaan is verboden om te zeggen dat een middeltje niet werkt, wanneer zij die bewering niet met wetenschappelijk onderzoek kunnen staven. Als ze dat toch doen, ‘slaan ze door’, vindt het Hof. Letterlijk meldt de rechterlijke uitspraak: “Zoals wetenschappelijk niet is aangetoond dat homeopathica genezende of lenigende werking hebben, laat staan volgens welk mechanisme, zo is ook het omgekeerde onbewezen, namelijk dat die middelen niet werken (..). Beweren dat die middelen niet werken is (daarom) ongeoorloofd, althans voorzover daarbij concrete producten worden genoemd (..) .”

Het Hof zegt erbij dat dit extra zwaar speelt bij de twee betrokken anti-kwakzalvers, omdat zij als arts respectievelijk apotheker door het publiek worden gezien als terzake deskundigen. Dat publiek zou uitlatingen als ‘het is nutteloos en onwerkzaam’ uit hun mond daarom opvatten als vaststaande feiten. De vereniging zit nu met de vraag wat ze in de toekomst nog mag zeggen en wat niet. Hun advocaat vreest dat zelfs een algemene uitspraak als ‘homeopathie werkt niet’ de vereniging in de toekomst in de gevarenzone kan brengen.

Renckens: “Het is treurig, als ik niet meer zou mogen zeggen dat Fistelpot, een reuzel-achtig huismiddeltje dat bij mij in de buurt, in West-Friesland, van oudsher ‘volgens geheim recept’ wordt gemaakt, niet werkt. Het is een typisch kwakzalvermiddeltje, waarvan je op je klompen kunt aanvoelen dat het niks doet. Maar dat is natuurlijk nooit gericht onderzocht. In de geneeskunde werkt het zo dat een middel niet werkt, tenzij het omgekeerde is bewezen. Ik kan ook niet bewijzen dat er geen kabouters bestaan, of blauwe pinguïns. Ik heb ze weliswaar nooit gezien, maar ze kunnen elk moment tevoorschijn komen.”

Een arts, aldus Renckens, leest in zijn Farmaceutisch Kompas dat voor de wrijfmiddelen waartoe ook SRL-gelei behoort ‘geen indicatie bekend is’, en dat ‘de werkzaamheid van het middel niet is aangetoond.’ “Als ik dat aan het grote publiek moet uitleggen, dan zeg ik dus: het werkt niet.”

Interessant is dat het Gerechtshof met zijn uitspraak een levensgrote vraag heeft opgeworpen, zonder die te beantwoorden. Want terwijl het Hof artsen verbiedt te zeggen dat een middel niet werkt wanneer dat feit niet wetenschappelijk is aangetoond, blijft het recht van fabrikanten om het omgekeerde te doen in deze uitspraak onaangetast. Een fabrikant die een middel op de markt brengt waarvan de werking nooit is bewezen, mag het nog wel aanprijzen als medicijn. Deze ‘inbalans’, zoals gezondheidsjurist Akveld het noemt, heeft in zijn ogen kunnen ontstaan doordat de homeopathie de afgelopen jaren langzaam maar zeker een stevige positie heeft veroverd. Wie op zoek is naar gezondheidszorg heeft in ons land een grote vrijheid, aldus Akveld, en dat vind je terug in een even grote vrijheid voor aanbieders van gezondheidszorg. “De reguliere geneeskunde stelde zich daartegenover tot nu toe betrekkelijk neutraal op. Maar nu begint men, wat je zou kunnen noemen, negatief enthousiasme’ te vertonen. Kennelijk ziet men zich genoodzaakt, waarschijnlijk zelfs onbewust, naar zwaardere wapens te grijpen.”

Of de anti-kwakzalvers in cassatie gaan tegen de uitspraak is nog niet duidelijk. Die beslissing zal niet lichtvaardig worden genomen, aangezien de kosten van de rechtszaak een flink gat in de financiële reserves van de kleine vereniging hebben geslagen. In het jaarverslag meldt de secretaris dat een eventueel verlies van het hoger beroep ‘naar alle waarschijnlijk tot een faillissement’ zou hebben geleid.

VSM ontkent met zijn juridische gevecht indirect uit te zijn op het einde van de oude vereniging – woordvoerder Broekhoven stelt zelfs dat, wanneer de schadevergoeding van vijftigduizend gulden wèl was toegewezen, de fabrikant hem niet zou hebben opgeëist. “Wij willen de vereniging niet de mond snoeren. Wij denken dat ze een hele nuttige functie hebben bij het bestrijden van échte kwakzalverij.” De fabrikant is echter niet bereid een deel van de juridische kosten van de vereniging op zich te nemen. “Dat gaat weer wat te ver.” Voor Renckens is deze onvermoede steunbetuiging geen verrassing. “Dat zeggen alle kwakzalvers,” laat hij weten. “Ook Klazien uit Zalk roept dat wij een heel nuttige functie hebben.”

Related Posts